Inspiratie

Iedereen heeft voorbeelden. Ook ik. En omdat we alleen verder komen door "op de schouders van onze voorgangers te staan", wil ik u graag een paar voorbeelden noemen. En u vertellen wát mij in hen geïnspireerd heeft. Dan weet u meteen wat voor elementen u in mijn voorstellingen kunt terugvinden.

Hoe ben je begonnen?

Mythologie Ik kreeg een goocheldoos voor mijn achtste verjaardag. Vervolgens heb ik jarenlang alle bibliotheken in de buurt uitgekamd naar goochelboeken. Deze heb ik overgetyped op een oude typemachine, de plaatjes gekopieerd en erbij geplakt. Hele boeken kopiëren was te duur en de goochelboeken bestellen via een ISBN-nummer al helemaal.

Maar ik heb niet alleen veel goochelboeken gelezen, ik heb ook veel verhalen, sagen, mythen en sprookjes gelezen. Dat doe ik overigens nog steeds. Al deze verhalen leren je keer op keer hoe belangrijk het is om een goed verhaal te schrijven met emoties en een juiste spanningsopbouw. Daarnaast heb je een schat aan materiaal over geheime gangen, grote kastelen, mythische figuren, etc. Eigenlijk was dat mijn manier om steeds weer in een droomwereld te duiken. Een kunst die ik toen geleerd heb en nooit weer zal verleren. De kunst om te dromen… 

Naast boeken lezen heb ik ook alle goocheldozen die ik tegenkwam gekocht, in de hoop nieuwe trucs te leren. Helaas waren alle goocheldozen hetzelfde en vaak ook nog van een slechte kwaliteit. Wat dat betreft is het een klein wonder dat ik toch ben door gegaan nadat ik mijn goocheldoos had gekregen!

Wie waren je grote voorbeelden?

André en de rest Mijn grote voorbeelden zijn allemaal komieken… De grootste inspiratiebron was André van Duin. Als jongetje imiteerde ik zijn acts en dat heb ik jaren gedaan. Ik kende al zijn conférences uit het hoofd en had ook spullen verzameld zoals de dophelm van Willempie en een rode ketel voor Flip Fluitketel.

Ik besefte het toen nog niet, maar eigenlijk heb ik een hele studie gemaakt van al die typetjes uit z’n theatershows. En die invloed zie je terug in mijn eigen presentaties. Dus bij dezen: Meneer Kivon, bedankt! 

Naast André van Duin was ik ook helemaal weg van Laurel & Hardy. Maar die komen zo aan bod. Eerst Mr. Bean, oftewel Rowan Atkinson. Ik kende alleen mister Bean en ook die heb ik veel geïmiteerd. Het was eigenlijk een soort André van Duin, maar dan zónder tekst.

Wat ik daar waarschijnlijk aan over gehouden heb is mijn liefde voor mime. Niet dat ik daar ooit bewust mee bezig ben geweest, maar op den duur complimenteerden mensen mij met de ‘gekke bekken’ die ik trok.Gekke bekken? Wie, ik? Ja, je lijkt André van Duin wel, die trekt ook van die scheve bekken…Bleek dat ze bedoelden dat mijn gezicht zo duidelijke taal sprak. Had ik per ongeluk mime geleerd…

En een voorbeeld uit de goochelwereld?

Maar totnogtoe heb je geen goochelaar genoemd. Nee, dat klopt. Ik ben ook niet beïnvloed door goochelaars, op 1 na. Een illusionist die iedereen kent: David Copperfield. Maar de reden dat ik hem als groot voorbeeld noem zit hem niet in de (fantastische) trucs die hij doet. Ik heb van de slechts 3 shows die ik kende twee heel belangrijke dingen geleerd.

Ten eerste heb ik geleerd dat het bovenal gaat om het creëren van sfeer. Het maakt niet uit welke trucs je doet, je moet een show hebben wat je publiek aanspreekt. Je moet ze rondleiden door jouw wereld en ze stap voor stap voeren naar de climax. En het liefst met jouw eigen persoonlijkheid. Wat ik toen al onbewust leerde was de opbouw van een show. Een gegeven dat ik de rest van mijn leven zal blijven toepassen. 

Het andere dat ik geleerd heb, en dat besefte ik pas jaren later, is de perfecte timing op muziek en de invloed die muziek sowieso heeft op mensen. Zonder muziek heb je maar een halve show. Nu was ik al heel jong bezig met muziek opnemen en ik ben nog steeds een muziekfanaat (met name instrumentale muziek). Dus ik vond muziek altijd al heel belangrijk en heb ook altijd geprobeerd om trucs op muziek uit te voeren.

Wat ik van de shows van David Copperfield geleerd heb is de timing. Het is erg belangrijk om a) de juiste muziek te nemen en b) die muziek zo perfect mogelijk te timen. 

Nu ben ik nogal een pietje precies, dus zolang ik mij kan herinneren heb ik uren achter mijn radio gezeten om stukjes muziek uit te kiezen. Net zo lang tot ik dat ene perfecte nummer had gevonden. En nog steeds doe ik dat. Volgens mij past er altijd maar 1 liedje bij die ene truc. En zolang ik dat nummer niet gevonden heb blijf ik zoeken. David Copperfield heeft mij geleerd om te streven naar perfectie. En niets minder.

Laurel & Hardy forever

Je sloeg het duo Laurel & Hardy over

Ja, dat stel apart dat iedereen kent! Ik ben van kinds af aan dol geweest op die korte filmpjes en nog steeds vind ik ze supergoed. Ze gaan al ruim 80 jaar mee en nog steeds zijn er heel veel mensen die in een deuk kunnen liggen om de stommiteiten die ze uithalen. Ik ook.

Goed kijken naar hun materiaal leert je heel veel. Ook over de opbouw van een verhaal, maar specifieker nog over de opbouw van een grap. En dat ze juist veel visuele grappen uithalen is koren op mijn molen. Ik ben niet iemand die een grap kan vertellen. Maar juist fysieke humor schijnt bij mij wel goed te werken. En dan kan je maar beter lessen leren van de twee grootmeesters op dit gebied.

Heren…bedankt!

Andere bronnen van inspiratie?

Andere bronnen van inspiratie Uiteraard leer je van iedereen. Kijk naar een voorstelling van Cirque du Soleil en je leert weer wat. Kijk naar Tommy Cooper en je beseft hoe geweldig en hoe divers humor kan zijn. Elke persoon die je tegenkomt biedt je de gelegenheid om iets te leren.

Althans, dat is mijn uitgangspunt. Ook van publiek kan je dus leren! Veel opmerkingen en reacties verwerk ik in mijn acts zodat ze steeds beter worden. Perfecter. Dat verdient het publiek ook!

Jeff McBride Naast de genoemde artiesten kan ik nog 2 mensen uit de goochelwereld noemen die mij beiden hebben gestuurd in mijn denken. Allereerst heb ik een workshop kunnen volgen bij Jeff McBride. Een toneelgoochelaar die veel doet met mime en beweging. In die workshop heb ik veel geleerd, alleen maar door te kijken hoe een professional het doet.

Joanie Spina Ook heb ik veel geleerd van Joanie Spina, de voormalige choreografe en assistente van David Copperfield. Ze heeft 3 videobanden gemaakt met daarop een aantal basisprincipes uit de wereld van de choreografie. Ik had daar nog nooit van gehoord, dus voor mij was dat een openbaring.

Ik werd mij ervan bewust wat beweging en dans kunnen doen en sindsdien is mijn kijk daarop nooit meer hetzelfde geweest. Bijzonder inspirerend was de korte briefwisseling die ik met haar gehad heb. Ik heb haar bedankt voor de tapes, gezegd wat ik er van vond en wat ik er aan had en ze schreef keurig terug. Ik bedankte haar, deed een aantal suggesties voor een eventueel vervolg (wat ik graag nog zou willen leren) en kreeg vervolgens van haar een setje lecture notes en een gesigneerde foto.

Zoveel vriendelijkheid van iemand die zo aan de top staat is toch een extra stimulans om door te gaan. En ooit nog eens zo aardig te worden als zij is.

Zingende paard

Speelgoedwinkels en Blokker

Wat moet een goochelaar nou bij Blokker?

Tja, ik struin vaak speelgoedwinkels en winkels voor huishoudelijke artikelen af in de hoop een grappig item te vinden voor een nieuwe presentatie. En dat lukt heel vaak. Je ziet de raarste dingen en als je die kan gebruiken in een act, krijg je ook hele rare acts…

Daarnaast ben ik gek op speelgoedbeesten. Alle beesten die kunnen bewegen (elektronisch) of allerlei marionetten vind ik super. En die gebruik ik ook! Tot grote hilariteit van menig publiek…

Dus op de vraag: “Speel jij nog met poppen?”, antwoord ik altijd: “Jazeker.”

En natuurlijk boeken

Theorie & Magie Uiteraard moet je je blijven verdiepen in alles wat je nog niet weet. En dat is heel veel! Dus lees ik boeken over comedy, mime, clowning, dans en…de psychologische achtergrond van goochelen. Want goochelen is eigenlijk toegepaste psychologie. En dat is heel erg interessant!

Zo interessant dat ik op dat gebied ook alle boeken probeer te bestuderen die er zijn. Helaas is er binnen de goochelwereld een heel beperkt aanbod van ‘denk’-boeken, dus mag ik graag wat theorie uit de gewone theaterwereld lenen. Ach, ooit komt er een tijd dat goochelaars beseffen dat goochelen gewoon theater is. Een unieke vorm van theater, dat zeker, maar een voorstelling moet allereerst voldoen aan de wetten van theater. En dan mogen wij als enigen een knoop leggen in uw gedachten.

Dát is lekker voorbehouden aan ons. Wij zijn de enige theatervorm die u live over de grens van het onmogelijke kunnen duwen. Dus veel plezier