|
Applaus |
Een andere kijk |
Als je een goochelaar vraagt waarom hij goochelt hoor je al snel dat het gaat om het applaus (of bij vakbroeders: om erkenning). Dat is meestal ook waar je met je routines naar toe werkt: applaus als beloning voor je kunsten. Er zijn dan ook veel technieken ontwikkeld in de wereld van het theater om applaus te genereren. Soms zou je dan ook de indruk kunnen krijgen dat goochelaars (en alle anderen op toneel) of erge narcisten of een onderdrukte levensvorm zijn. Mensen die sociaal gezien erg incapabel zijn en hun waardering krijgen door te goochelen. En wat kan dat verslavend werken, waardering krijgen. Toen iemand mij vroeg waarom ik dan goochelde, moest ik er eerst eens goed over nadenken. Heel goed over nadenken. Ik bedoel, wat is er fout met het krijgen van applaus? Een publiek wil de artiest bedanken voor zijn kunsten door middel van applaus. De artiest ervoor bedanken dat hij het publiek een ….tja, wat gaf hij zijn publiek? Applaus? Daarom heb ik mij eerst eens verplaatst in de toeschouwer. Als toeschouwer wil ik namelijk geraakt worden. Op het emotionele vlak wil ik geraakt worden door de artiest(e) die ik zie. Of beter gezegd: meemaak. Dit geraakt worden kan zijn door middel van lachen, angstgevoelens (horror), verbazing, esthetiek (bijvoorbeeld dans), etc. Ik wil een echte, levende persoonlijkheid ontmoeten die mij iets doet. Voor mij als artiest betekent dat dat ik moet proberen om het publiek te raken (en geloof me, ik werd me dit pas bewust door er over na te denken). ‘To touch them’. Ze een emotie bezorgen, een beleving. Doe ik dat dan voor het applaus? Nee. Vind ik applaus wel mooi dan? Ja, natuurlijk. Applaus is normaliter een teken van waardering, en zoals al eerder gezegd, waardering en acceptatie kunnen heel verslavend werken. Maar dat betekent niet dat applaus voor mij niets anders betekent. Applaus betekent naast waardering ook dat het een maatstaf is. Niet zomaar een vorm van respect, maar een maatstaf die aangeeft in hoeverre ik het goed gedaan heb. En dat bereik je niet alleen met een ‘applause-getting’ techniek, maar met een goede, doordachte show (en ervaring speelt hierin vanzelfsprekend een grote rol). Als een publiek klapt uit respect: “Hij was leuk. Laten we aardig zijn en klappen. Oh, hij staat al in die applaushouding van hem. Laten we klappen.”, tja…hoe hoog zijn je doelen dan gesteld? Maar wat veel belangrijker is: hoe hoog kunnen de doelen gesteld zijn? Een voorbeeld: Nou vraag je je misschien af of dat fout is. Misschien niet. Uiteindelijk moet elk bedrijf winst maken om te overleven, een basiswet in de economie. Maar de laatste jaren kwamen er auteurs die vanuit een ander standpunt keken naar WINST. Ze noemden dit standpunt: klanttevredenheid. Niets nieuws, hoor ik u denken. Misschien niet. Maar klanttevredenheid bekijkt winst vanuit een compleet ander perspectief dan bedrijven nu doen. Bij klanttevredenheid vraag je je af: “Wat is mijn primaire doel?” Daarna vraag je je af wat je secundaire doelen zijn. Of misschien moet je deze secundaire doelen wel ‘gevolgen’ noemen. Voor een klantgerichte onderneming moet gelden dat het primaire doel is de klant tevreden te stellen en die klant ook te behouden, wat uitmond in relatiebeheer. Als gevolg daarvan zouden de winsten stijgen, omdat loyale klanten meer kochten bij dezelfde leverancier. En uit een aantal voorbeelden blijkt dit ook daadwerkelijk zo te werken. Als formule kun je het zo stellen: Doe je uiterste best voor je klant en je winst stijgt automatisch. Als je echter de andere kant op redeneert en je ziet applaus als een gevolg, dan kun je je tijd besteden aan de vraag: hoe krijg ik tevreden klanten? En die krijg je als je een goede show brengt, een show die ze raakt. Je gaat je richten op een verhaallijn die ze zich zullen herinneren, zodat ze ook jou zullen herinneren! Als je je dus gaat richten op je eigen karakter (en met name bepaalde karaktereigenschappen), op theatrale aspecten en je houd je publiek altijd in gedachten, dan kun je een show creëren die je publiek bij de keel grijpt en niet alleen maar gefocust is op applaus. Je ontwikkelt dan een show die je publiek op de stoel vastlijmt en als ze uiteindelijk de kans krijgen om de applaudisseren, dan kan dat een oorverdovend applaus zijn. Omdat je show zoveel beter is dan de rest! Net als met het economische voorbeeld hierboven: hoemeer je je richt op de kwaliteit van je show en probeert het publiek aan je te binden, hoe groter de beloning (automatisch, makkelijk hé?) zal worden. Applaus wordt een gevolg, een uitkomst van je moeiten en een beloning voor de kwaliteit van je show, niet de kwaliteit van de ‘applause-getting’ technieken. Achteraf Heb je je ooit afgevraagd waarom je applaus kreeg? Omdat je erom vroeg of omdat je het verdiend had? Omdat het publiek wel moest klappen, omdat je anders gewoon stil bleef staan met je armen in de lucht, of omdat het publiek je oprecht wou bedanken voor het plezier dat je ze gaf? En heb je je wel eens afgevraagd of applaus de enige manier is waarop een publiek je kan bedanken? Wat als het publiek ademloos aan je lippen hangt? Of dat ze zo geroerd zijn dat ze met tranen in hun ogen zitten te kijken. Persoonlijk voel ik me gewaardeerd elke keer als ik erin geslaagd ben om mensen emotioneel te raken. En dat is niet alleen (aan het eind) als ze klappen… |